De nieuwe generatie

Boogie1950

Vanaf 1950 ontstond er een algemene desinteresse in pianoboogie, dit in schril contrast met het overompelend succes van tien jaar daarvoor. Door de commercialisering en de opkomst van rock’n roll en rhythm & blues kwam het pure boogie woogie genre op het achterplan. Ineens werd boogie woogie bekritiseerd als saai en ééntonig en door de pers genadeloos in de grond geboord. Meade Lux Lewis begon zijn repertoire uit te breiden met jazzstandaards waarmee hij geregeld optrad in jazzclubs. Jazzcritici waren echter niet mals in hun reacties op deze omschakeling van stijl. Ook voor Pete johnson en Albert Ammons werden het barre tijden.

Een aantal pianisten nam de fakkel echter weer op. Alle middelen werden ingezet om boogie woogie de erkenning als volwaardig muziekgenre terug te geven. Nieuwe ingewikkelde basfiguren werden uitgedacht en afgewisseld met indrukwekkende linkerhand-improvisaties. Boogie woogie werd vermengd met klassieke muziek en gecombineerd met funky New Orleans geluiden.

Het genre kent dan ook een opmars in een aantal Europese landen, (vooral Nederland, Frankrijk, Duitsland en Oostenrijk) en een aantal pianisten organiseren zelfs hun eigen festival uitsluitend ter promotie van deze unieke muziekvorm.